Gezonde voeding is ‘hot’. Je kunt er niet meer omheen. Geen tijdschrift of krant meer openslaan zonder erover te lezen. De stroom informatie is eindeloos, de verwarring is groot en iedereen heeft er een mening over.

Wat als…

Maar wat als: je kennis over voeding royaal is, maar je die kennis vervolgens niet kunt toepassen? Wat als je heel goed weet dat je beter een verse fruitsalade kunt maken dan een doos bonbons leegeten? Wat als je na een hap niet meer kunt stoppen? Wat als je heel goed in staat bent een gezond eetpatroon aan te houden, maar zodra je verdriet hebt of stress, je dat met geen mogelijkheid meer lukt? Als eten je troost, je vriend, je stressontlader, je verdovingsmiddel, pijnstiller, je beschermer is geworden? Als de drang tot eten je overvalt, soms op de momenten dat je dat het minst verwacht?

Wat als je weet dat je een paar kilo te mooi bent, maar de gedachte om ‘te moeten lijnen’ een onregelmatig eetpatroon alleen maar versterkt? Of het je wel lukt om goed af te vallen, terwijl je steeds strenger wordt voor jezelf, totdat je lichaam aan de noodrem trekt? Wat als niemand iets aan je ziet, je een volkomen gezond gewicht hebt, terwijl je hoofd vol zit met gedachten over eten, lijnen, calorieën, vetten, verboden- en geboden-lijstjes? Waardoor je voelt dat je een dubbelleven leidt?

Eetbuien en emotie-eten zijn onderwerpen waar voedingsgeleerden zich niet mee bezig houden. Een basispatroon van pure voeding helpt, maar is niet het hele verhaal. Onevenwichtig eetgedrag lijkt enkel over eten te gaan, over gebrek aan discipline en wilskracht, over zwakte. Niets is minder waar.

Over mij

Ongeveer twintig jaar lang heb ik geleefd met een oorlog in mijn hoofd. Luisterde ik naar stemmen die zeiden dat, als ik niet slank genoeg was (wat nooit het geval was, al zei het getal op de weegschaal iets anders) ik de moeite niet waard was. Dat ik geen recht had op een goed leven. Dat mensen me zouden uitkotsen als ze erachter kwamen wie ik echt was. Dat ik niet hard genoeg was en dat hongeren me hielp om minder te voelen. Net zo goed als de eetbuien deden.

Echter, door te willen afvallen (tot een heftig ondergewicht) viel ik mezelf af. Ik kotste mezelf uit na iedere hap die ik teveel vond. De grootste tiran in mijn leven, die me kleineerde, pijn deed en uitputte, dat was ik zelf. I never thought I was a bully, until I listened to how I spoke to myself.

Ik veroordeel mezelf niet langer voor mijn gedrag. Ik wist niet anders met mezelf en mijn leven om te gaan. Wat ik nu heel goed weet. Mijn relatie met voeding is veranderd van verstrikt in harmonieus. Ik heb mijn lessen in levenskunst geleerd en ben in staat om ze door te geven aan anderen. Door bewustwording kan ik vandaag zijn wie ik echt ben. En mijn leven voluit leven.

Voor jou, tien tips

En dit zijn tien tips die me hebben geholpen wanneer ik eetdrang had. Ik geef ze, in de hoop dat ook jij er iets aan hebt:

  1. Laat je gevoelens er zijn. Zie ze onder ogen en schrijf erover.
  2. Omring je met mensen die je vertrouwd zijn. Daarvoor is het niet eens noodzakelijk dat ze op de hoogte zijn van datgene waar jij mee worstelt.
  3. Uit je hoofd, in je lijf. Fysieke inspanning kan ervoor zorgen dat de onrust in je hoofd en in je lichaam verdwijnt.
  4. Wees niet te streng voor jezelf over voeding; sta jezelf regelmatig iets lekkers toe, wat ook nog steeds gezond kan zijn.
  5. Investeer in jezelf; onderzoek de herkomst van je onevenwichtig eetgedrag en wat je er aan kunt doen.
  6. Stel een eetbui uit.
  7. Laat het rusten; ga naar bed wanneer andere manieren niet werken. Geef je gevoelens rust en geef jezelf rust.
  8. Eet voldoende en regelmatig. Stop met compenseren.
  9. Stop met afvallen; de focus leggen op afvallen maakt dat je jezelf afvalt.
  10. Structuur en planning geeft houvast.